Download Print this page

Miele DDF481 Instruction Manual page 11

Hide thumbs

Advertisement

dat het gereedschap overbelast raakte. Knijp daarna
opnieuw de aan-uitschakelaar in om het
gereedschap weer in te schakelen.
Als het gereedschap niet wordt ingeschakeld, is de
accu oververhit. In die situatie laat u de accu eerst
afkoelen voordat u opnieuw de aan-uitschakelaar
inknijpt.
• Lage accuspanning:
De resterende acculading is te laag en het
gereedschap wordt niet ingeschakeld. Verwijder in
die situatie de accu en laad hem op.
De resterende acculading controleren (zie
afb. 3)
Wanneer u de aan-uitschakelaar inknijpt, wordt de
resterende acculading aangegeven op het LED-display
zoals beschreven in de volgende tabel.
Toestand van
LED-indicator
013980
OPMERKING:
• Het LED-display gaat ongeveer één minuut nadat de
aan-uitschakelaar is losgelaten uit om acculading te
besparen. Om de resterende acculading te
controleren, knijpt u de aan-uitschakelaar iets in.
• Als het LED-display brandt maar het gereedschap niet
werkt ondanks dat de accu is opgeladen, laat u het
gereedschap helemaal afkoelen. Als de situatie niet
verandert, laat u het gereedschap repareren door een
door een plaatselijk Makita-servicecentrum.
Werking van de aan-uitschakelaar
LET OP:
• Controleer altijd, voordat u de accu op het
gereedschap aanbrengt, of de aan-uitschakelaar op de
juiste manier schakelt en weer terugkeert naar de uit-
stand nadat deze is losgelaten (zie afb. 4).
Om het gereedschap in te schakelen, knijpt u gewoon de
aan-uitschakelaar in. De draaisnelheid van het
gereedschap neemt toe naarmate u meer druk uitoefent
op de aan-uitschakelaar. Laat de aan-uitschakelaar los
om het gereedschap te stoppen.
De lamp op de voorkant inschakelen
LET OP:
• Kijk niet rechtstreeks in de lamp of naar de bron van
het licht (zie afb. 5).
Knijp de aan-uitschakelaar in om de lamp op de voorkant
in te schakelen. De lamp blijft branden zolang u de aan-
uitschakelaar ingeknepen houdt. De lamp gaat 10 tot
Resterende acculading
Ongeveer 50% of meer
Ongeveer 20% tot 50%
Minder dan ongeveer 20%
15 seconden nadat u de aan-uitschakelaar hebt
losgelaten uit.
OPMERKING:
• Als het gereedschap oververhit is, stopt het
gereedschap automatisch en begint de lamp te
knipperen. Laat in dat geval de aan-uitschakelaar los.
De lamp gaat uit na één minuut.
• Gebruik een doek om het vuil van de lens van de lamp
te vegen. Wees voorzichtig de lens van de lamp niet te
bekrassen om de lichtopbrengst niet te verlagen.
Werking van de omkeerschakelaar
LET OP:
• Controleer altijd de draairichting alvorens het
gereedschap te gebruiken.
• Gebruik de omkeerschakelaar alleen nadat het
gereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Als u de
draairichting verandert voordat het gereedschap
volledig stilstaat, kan het gereedschap worden
beschadigd.
• Als u het gereedschap niet gebruikt, zet u de
omkeerschakelaar altijd in de middenstand (zie afb. 6).
Dit gereedschap is uitgerust met een omkeerschakelaar
waarmee u de draairichting kunt omkeren. Druk op de
omkeerschakelaar vanaf kant A voor de draairichting
rechtsom, of vanaf kant B voor de draairichting linksom.
Wanneer de omkeerschakelaar in de middenstand staat,
kunt u de aan-uitschakelaar niet inknijpen.
De draaisnelheid veranderen
LET OP:
• Zet de snelheidsinstelknop altijd volledig in de
gewenste stand. Als u het gereedschap bedient terwijl
de snelheidsinstelknop halverwege de standen "1" en
"2" staat, kan het gereedschap worden beschadigd.
• Bedien de snelheidsinstelknop niet terwijl het
gereedschap draait. Het gereedschap kan hierdoor
worden beschadigd (zie afb. 7).
Om de draaisnelheid van het gereedschap te veranderen,
schakelt u eerst het gereedschap uit en verschuift u
daarna de snelheidsinstelknop naar stand "2" voor een
hoge draaisnelheid, of naar stand "1" voor een lage
draaisnelheid. Zorg ervoor dat de snelheidsinstelknop in
de juiste stand staat alvorens het gereedschap te
bedienen. Gebruik de juiste draaisnelheid voor uw
werkzaamheden.
De werkingsfunctie selecteren
LET OP:
• Stel de keuzering altijd in op het symbool van de juiste
stand voor uw werkzaamheden. Als u het gereedschap
bedient met de keuzering ingesteld tussen twee
symbolen in, kan het gereedschap worden beschadigd
(zie afb. 8).
Dit gereedschap is uitgerust met een werkingsfunctie-
keuzering. Voor boren draait u de keuzering zodat de
pijlpunt op het gereedschap naar het symbool
keuzering wijst. Voor schroeven draait u de keuzering
zodat de pijlpunt op het gereedschap naar het symbool
op de keuzering wijst.
op de
27

Advertisement

loading